Slaaptraining & methodes
9 december 2025
10 min lezen
wanneer inbakeren baby 0-16 weken die rustig ingebakerd in een wieg op de rug slaapt

Wanneer inbakeren? Veilig starten in 5 stappen

Wanneer inbakeren bij een baby van 0-16 weken kan in principe al vanaf de geboorte, mits je het veilig doet en goed let op de signalen van je kind. Belangrijk is dat je direct stopt zodra je baby kan rollen, vaak ergens tussen 8 en 16 weken.

Veel ouders merken dat hun baby onrustig slaapt, met de armpjes maait of telkens wakker schrikt. Dat kan onzeker maken: moet ik inbakeren, is het wel veilig, en hoe voorkom ik dat ik te laat stop? Het kan voelen alsof je steeds keuzes moet maken terwijl je al moe bent.

In dit artikel lees je wanneer inbakeren passend kan zijn, per leeftijdsfase van 0 tot 16 weken. Je krijgt duidelijke veiligheidsregels, een praktische stap-voor-stap uitleg om rustig te starten, voorbeelden uit de praktijk en handvatten om weer af te bouwen zodra je baby eraan toe is.

Wat is inbakeren en waarom zou je het doen?

Inbakeren is het stevig maar veilig inwikkelen van je baby in een doek of speciale inbakerdoek, zodat de armpjes beperkt kunnen bewegen. Het doel is niet om je baby strak vast te zetten, maar om geborgenheid te geven en schrikbewegingen (de moro-reflex) te dempen. Vooral jonge baby’s kunnen daardoor rustiger worden en makkelijker in slaap vallen.

Veel baby’s tussen 0 en 12 weken hebben nog weinig controle over hun armen. Ze maaien in hun slaap, wrijven zichzelf wakker in het gezicht of schrikken plotseling met beide armen omhoog. Inbakeren kan dan helpen om die bewegingen te beperken, terwijl het lijfje wel ontspannen blijft. Ouders merken dan soms dat hun baby minder huilt bij het in slaap vallen en langere stukjes achter elkaar slaapt.

Het is belangrijk om te benadrukken dat inbakeren geen oplossing is voor alle slaapproblemen. Het is een hulpmiddel, vooral geschikt voor jonge, verder gezonde baby’s die onrustig zijn of veel schrikbewegingen maken. Een voorspelbaar slaapritueel, voldoende voeding en een veilige slaapomgeving blijven net zo belangrijk als je kiest voor inbakeren.

Wanneer inbakeren bij 0-4 weken: pasgeboren fase

Inbakeren kan al vanaf de eerste week na de geboorte, als je baby veel onrust laat zien en jij daar zelf een goed gevoel bij hebt. In de eerste weken zijn baby’s vaak nog erg gewend aan de krappe, veilige ruimte in de buik. Het ingepakte gevoel van inbakeren kan dan helpen om die overgang naar de buitenwereld wat zachter te maken.

Veel ouders merken in deze periode dat hun pasgeboren baby vooral overdag op hen wil slapen en in het wiegje snel wakker wordt. Een voorbeeld: een baby van 1 week valt steeds heerlijk in slaap op de borst, maar schrikt in het wiegje na tien minuten wakker met de armen in de lucht. In zo’n situatie kan inbakeren, bijvoorbeeld zoals beschreven bij inbakeren baby 1 week, helpen om die overgang naar het eigen bedje rustiger te laten verlopen.

Toch is inbakeren niet altijd nodig in de eerste weken. Sommige baby’s slapen prima in een slaapzak of onder een lakentje zonder extra begrenzing. Kijk daarom vooral naar je eigen kind: veel schrikbewegingen, onrust en korte hazenslaapjes kunnen een reden zijn om inbakeren te overwegen. Is je baby juist ontspannen en slaapt hij redelijk, dan kun je het ook nog even aankijken.

Wanneer inbakeren bij 4-8 weken: meer onrust, meer behoefte aan begrenzing

Tussen 4 en 8 weken valt het veel ouders op dat hun baby ineens onrustiger wordt. De wakkere tijden worden iets langer, prikkels komen harder binnen en de avond kan een onrustig moment van de dag worden. In deze periode kiezen veel ouders alsnog voor inbakeren, ook als ze dat in de eerste weken nog niet deden.

Een baby van 6 weken kan bijvoorbeeld aan het eind van de dag veel huilen, moeilijk in slaap vallen en zichzelf telkens wakker maaien. In zo’n situatie kan inbakeren onderdeel zijn van een rustgevend bedritueel: eerst voeden, dan rustig knuffelen, inbakeren, eventueel kort wiegen en dan in bed leggen. Voor sommige ouders sluit dit mooi aan bij de principes van de 5s methode baby, waarin inbakeren één van de stappen is.

Let in deze leeftijdsfase goed op signalen van oververmoeidheid: wegkijken, jengelen, rode wenkbrauwen, druk bewegen met armen en benen. Als je dan op tijd inbakert en naar bed brengt, voorkom je soms dat je baby in een huilbui belandt. Belangrijk blijft dat je je baby niet lang laat huilen; jonge baby’s hebben nabijheid en troost nodig om zich veilig te voelen.

Wanneer inbakeren bij 8-12 weken: opletten op eerste rolbewegingen

Tussen 8 en 12 weken worden baby’s lichamelijk sterker en alerter. Dit is vaak ook de periode waarin de eerste pogingen tot rollen zichtbaar worden. Sommige baby’s draaien eerst van buik naar rug tijdens speeltijd op de grond, anderen beginnen met zijwaarts draaien in bed. Vanaf het moment dat je baby tekenen van rollen laat zien, moet je extra alert zijn met inbakeren.

Inbakeren is alleen veilig als je baby op de rug slaapt en niet zelfstandig kan omrollen. Zodra je baby in bed op de zij of buik kan komen, kan ingebakerd slapen onveilig worden, omdat hij zich niet meer vrij kan bewegen om het hoofdje te draaien. Daarom is dit ook de fase waarin je je alvast kunt voorbereiden op inbakeren afbouwen, zodat de overgang naar een slaapzak of andere slaaphulp rustig kan verlopen.

Een voorbeeld: een baby van 10 weken die overdag tijdens het spelen al stevig op de zij rolt, maar in bed nog niet. Dan is het verstandig om het inbakeren niet meer uit te breiden en al langzaam te denken aan alternatieven, zoals een slaapzak met armpjes vrij. Twijfel je of wat jouw baby laat zien al rollen is, bespreek dit dan met het consultatiebureau of je huisarts.

Wanneer inbakeren bij 12-16 weken: vaak tijd om te stoppen

Tussen 12 en 16 weken is het voor veel baby’s tijd om het inbakeren af te bouwen of helemaal te stoppen. In deze periode worden de meeste baby’s motorisch vaardiger en neemt de kans op rollen duidelijk toe. Tegelijkertijd verandert de slaapstructuur en wordt de slaap van nature wat lichter en meer gefragmenteerd, wat soms samenloopt met een bekende ontwikkelingsfase zoals de 4 maanden sprong.

Als je baby in deze leeftijdscategorie valt en nog ingebakerd slaapt, is het verstandig om dagelijks te controleren of er al rolbewegingen zijn. Zie je dat je baby in bed op de zij belandt, of merk je dat hij zich duidelijk afzet en draait, dan is het moment gekomen om het inbakeren snel, maar zo rustig mogelijk, af te bouwen. De richtlijn is om in ieder geval te stoppen vóórdat je baby zelfstandig in bed kan omrollen.

Deze overgang kan tijdelijk zorgen voor onrustigere nachten. Dat is begrijpelijk: je baby moet wennen aan slapen met vrije armpjes en een andere manier van begrenzing. Sommige ouders kiezen er in deze fase voor om over te stappen naar een baby in slaapzak of een andere vorm van zachte begrenzing, zoals een strak ingestopt lakentje. Houd je verwachtingen realistisch: het is normaal als je baby even moet wennen.

Veiligheid: wanneer inbakeren wel en niet doen

De belangrijkste regel rondom wanneer inbakeren is: het mag alleen als je baby altijd op de rug slaapt en nog niet zelfstandig kan rollen. Daarnaast zijn er een aantal veiligheidsvoorwaarden waar je altijd op moet letten. Deze voorwaarden zijn niet bedoeld om je bang te maken, maar om het risico op ongelukken te verkleinen.

Let bij inbakeren op de volgende punten:

  • Altijd op de rug slapen, nooit ingebakerd op de zij of buik
  • Gebruik een goed passende inbakerdoek of speciale inbakerslaapzak
  • Zorg dat de doek stevig zit rond de romp, maar niet te strak bij heupen en benen
  • Laat het gezicht en de hals altijd vrij, geen doek over de mond of neus
  • Zorg dat je baby het niet te warm krijgt, dus geen extra dekens of dikke kleding

Daarnaast is het belangrijk om het risico op wiegendood zo klein mogelijk te maken. Dat betekent een leeg bedje zonder kussens, dikke dekbedden of knuffels en een veilige slaapplek in een eigen bedje of wieg. Als je vragen hebt over wiegendood voorkomen of de aanbevolen wiegendood leeftijd, bespreek die dan altijd met het consultatiebureau of je huisarts.

Stap-voor-stap: hoe rustig starten met inbakeren

Wanneer inbakeren passend lijkt voor jouw baby, helpt het om gestructureerd te beginnen. Kies bij voorkeur een rustig moment overdag, bijvoorbeeld bij het eerste of tweede dutje. Zo kun je wennen aan de techniek en zie je beter hoe je baby reageert.

Een mogelijke opbouw kan zijn:

  1. Kies 1 of 2 dutjes per dag om mee te starten, niet meteen alle slaapjes
  2. Begin met een voorspelbaar slaapritueeltje: verschonen, kort knuffelen, zingen
  3. Bakker je baby rustig in, praat zachtjes en houd oogcontact
  4. Leg je baby wakker maar slaperig in bed, blijf eventueel nog even nabij
  5. Reageer direct bij veel protest: troosten, eventueel even uit de doek en later opnieuw proberen

Stop altijd direct bij excessief huilen. Jonge baby’s laten huilen in de hoop dat ze “wennen” is niet wenselijk. Als je baby bij elke poging tot inbakeren overstuur raakt, kan het zijn dat deze manier van begrenzen niet bij hem past. In dat geval is het verstandiger om andere zachte methoden te verkennen, zoals de pick up put down methode of extra focus op een rustgevend slaapritueel.

Inbakeren combineren met ritme en ontwikkeling (0-16 weken)

Inbakeren werkt het beste als het onderdeel is van een breder plaatje: een voorspelbaar ritme, voldoende slaapdruk en een rustige omgeving. In de eerste 16 weken verandert het slaapritme snel. Een 6 weken baby heeft bijvoorbeeld andere wakkertijden en slaapbehoeften dan een 14 weken baby. Wanneer inbakeren helpend is, hangt dus ook samen met hoe moe je baby is en hoeveel prikkels hij krijgt.

Een voorbeeld: een baby van 8 weken is overdag vaak maar 60 tot 75 minuten wakker. Als je pas na 90 minuten gaat inbakeren en naar bed brengen, is de kans groot dat hij oververmoeid is en meer gaat huilen. Door eerder te starten met het slaapritueel en inbakeren, verklein je die kans. Inbakeren is dan niet de oplossing op zich, maar een onderdeel van een goed afgestemd ritme.

Let daarnaast op de signalen van je baby. Als hij na een paar weken inbakeren juist onrustiger wordt bij het inwikkelen, veel probeert los te komen of duidelijk wil sabbelen op zijn handjes, kan dat een teken zijn dat hij toe is aan meer bewegingsvrijheid. In dat geval kan het zinvol zijn om te kijken naar alternatieven en je baby stap voor stap te laten wennen aan slapen met losse armpjes, bijvoorbeeld met hulp van een ervaren slaapcoach.

Wanneer stoppen en afbouwen: van inbakeren naar slaapzak

De vraag wanneer inbakeren stopt, is minstens zo belangrijk als wanneer je begint. De grens ligt in ieder geval bij de eerste duidelijke rolbewegingen, maar sommige ouders kiezen ervoor om al eerder af te bouwen, bijvoorbeeld rond 10-12 weken. Zeker als je baby al veel met zijn lijfje beweegt in bed, kan dat een veilige keuze zijn.

Afbouwen kun je in stappen doen:

  1. Begin met alleen de nachten inbakeren en overdag de armpjes vrijlaten
  2. Stap daarna over op 1 arm uit de doek, de andere nog ingebakerd
  3. Vervolgens beide armen vrij en alleen de romp nog wat strakker begrensd
  4. Ga daarna over op een goed passende slaapzak, bijvoorbeeld zoals beschreven bij [vanaf wanneer baby in slaapzak](/slaaptips/vanaf-wanneer-baby-in-slaapzak)

Ook hier geldt: stop direct bij excessief huilen. Sommige baby’s hebben een paar dagen nodig om te wennen aan slapen met vrije armpjes. Anderen blijken het juist snel prima te vinden. Als je merkt dat de overgang erg moeizaam gaat en je zelf uitgeput raakt, kan het helpen om ondersteuning te zoeken bij bijvoorbeeld een van de slaapcoaches op de site of dit te bespreken met het consultatiebureau.

Conclusie

Wanneer inbakeren bij je baby van 0-16 weken passend is, hangt af van leeftijd, ontwikkeling en vooral van hoe jouw baby zich laat zien. In de eerste weken kan het helpen tegen schrikbewegingen en onrust, terwijl je in de periode vanaf ongeveer 8 tot 16 weken steeds scherper moet letten op de eerste rolbewegingen. Veiligheid staat daarbij altijd voorop: alleen op de rug slapen en stoppen zodra je baby kan rollen.

Zie inbakeren als een tijdelijk hulpmiddel in een breder geheel van ritme, nabijheid en een veilige slaapomgeving. Elk kind reageert anders. Blijf daarom goed kijken, luisteren en voelen wat bij jullie past. Maak je je zorgen over het huilen, de ontwikkeling of de veiligheid van het slapen, neem dan altijd contact op met het consultatiebureau of je huisarts om samen te kijken wat jouw baby nodig heeft.

Veelgestelde vragen

Inbakeren kan in principe vanaf de geboorte, als je baby onrustig is en veel schrikbewegingen maakt. Kijk altijd goed naar de reactie van je baby en overleg bij twijfel met het consultatiebureau of je huisarts.

Inbakeren is niet veilig meer zodra je baby tekenen van rollen laat zien, zeker als hij in bed op de zij of buik kan komen. Ook bij koorts, ademhalingsproblemen of andere medische zorgen moet je altijd eerst overleggen met een professional.

Let op lichaamstaal: wordt je baby rustiger tijdens het inwikkelen en valt hij daarna makkelijker in slaap, dan is dat een goed teken. Blijft hij heftig protesteren, verstijft hij of raakt hij overstuur, probeer dan minder strak in te bakeren of kijk naar een andere, zachte methode zoals de put down put down methode.

Sommige baby’s slapen al na 1 of 2 slaapjes rustiger, bij anderen duurt het een paar dagen. Verwacht geen directe wonderen: inbakeren helpt vooral tegen schrikbewegingen, maar lost niet alle slaapproblemen in één keer op.

Stop direct bij excessief huilen en haal je baby uit de doek om te troosten. Probeer eventueel op een later moment opnieuw, of kies voor een andere benadering zoals extra nabijheid, samen slapen op een veilige manier of werken aan een voorspelbaar ritme, bijvoorbeeld met hulp van tips rondom baby leren slapen.

Redactie Slaapcoachvinden.nl

Redactie Slaapcoachvinden.nl

Delen:

Hulp nodig bij slaapproblemen?

Vind een gekwalificeerde slaapcoach in jouw buurt en verbeter je slaapkwaliteit.

Gerelateerde slaaptips

Interessante slaaptips

Ontdek meer waardevolle tips en inzichten over slaap en welzijn

Uitgelichte slaapcoaches

Ontdek gekwalificeerde slaapcoaches die je kunnen helpen